Embolisatie
Bland embolisatie, chemo-embolisatie, preoperatieve en hemostatische embolisatie
Bij embolisatie wordt via een katheter selectief materiaal in de tumorarterie gebracht. Afhankelijk van het doel is dat puur occluderend (bland embolisatie, bloedingsstelping), gecombineerd met cytostatica (chemo-embolisatie) of gericht op het omleiden van de bloedstroom om een orgaan te laten groeien (vena porta-embolisatie). Het gemeenschappelijke principe is dat de arteriële toevoer van een tumor of een orgaandeel gerichter te beïnvloeden is dan met systemische therapie, met een veel lagere systemische belasting.
Wat het doet
- Superselectiviteit bepaalt de verhouding tussen effect en schade. Hoe distaler de katheter, hoe meer gezond parenchym gespaard blijft.
- De leverfunctie is bij leverembolisatie de belangrijkste grens; embolisatie belast het parenchym en een patente vena portae is doorgaans voorwaarde.
- Bij preoperatieve embolisatie is het effect afhankelijk van de doelstelling: bloedverliesreductie bij hypervasculaire wervelmetastasen werkt alleen bij angiografisch aangetoonde hypervascularisatie.
- Bij bloedingsembolisatie is stase tijdens injectie een risicofactor voor niet-doelembolisatie; de te bereiken hemostase is bovendien vaak tijdelijk.